Hysiai & Mouchli

Hysiai 37°30'48.0"N 22°34'59.0"E (parkeerplaats bij kerkje bij opgraving)

Mouchli 37°32'00.4"N 22°30'54.3"E (parkeerplaats bij kapelletje)

Achladókambos - Hysiai

Vanaf de kust bij Nauplion is Achladókambos niet te zien, wel de windturbines die met hulp van de Griekse overheid en een Frans energiebedrijf zijn gebouwd op de heuvels boven het dorp. Achladókambos is een klein en vrij afgelegen bergdorp dat te bereiken is via een afslag van de oude weg van Argos naar Tripoli. De oude weg wordt door de bevolking 'Kolosourti' genoemd, ofwel 'de kontenbonker' omdat het vroeger een zeer slechte weg was. Nu staat de weg bekend om de vele haarspeldbochten en is hij vooral geliefd bij rally-rijders. Voorbij de pas wordt de weg minder smal en komen er geen haarspeldbochten meer. Neem de eerste afslag naar Achladókambos dat 'bos van wilde peren' betekent. Maar een andere versie omtrent de herkomst van de naam verwijst naar de Ottomaanse periode, toen er veel olijfbomen stonden. De naam zou in dat geval afkomstig zijn van 'Ach! Ladokambos', in het Nederlands zoiets als 'Ach! (Olijf)olie bos'. We laten Achladókambos rechts liggen en negeren dus de bordjes 'Είσοδως' die de ingang naar het dorp aangeven. Het dorp ligt op ongeveer 470 m hoogte en heeft het vorm van een amfitheater omdat het tegen de helling van de berg Artemisio ligt. Hier komen de provincies Argolida en Arcadia bij elkaar. De bevolking leeft hoofdzakelijk van olijventeelt en veehouderij (schapen en geiten). Wij rijden een paar kilometer totdat we bij een bocht een kerkje tegenkomen dat gewijd is aan de 'Κοιμήσης της Θεοτόκου' (Ontslaping van de Moeder Gods).

 

De oudste geschiedenis

In de geschiedenis komt Hysiai (zoals de plek toen heette) voor het eerst voor rond 720 v.Chr. Het was een bolwerk van Argos en deed dienst als frontlinie in de strijd met aartsvijand Sparta. De naam Hysiai is afgeleid van het Oudgriekse woord voor wild zwijn (Σύς). Thucydidesi en Pausanias schreven er beiden over. Thucydidedis was historicus en legeraanvoerder tijdens de Peloponnesische Oorlog (431 – 404 v.Chr.) Hij leefde van 460-400 v.Chr.

Er vonden twee belangrijke veldslagen plaats, de eerste in 669 v.Chr. Volgens sommige historici was de overwinning te danken aan de regerende tiran van Argos, Pheidon, degene die ook genoemd wordt als uitvinder van de falanx. In deze slag zou het zijn gegaan om 300 Argeërs tegen 300 Spartanen, niet helemaal maar toch gedeeltelijk vergelijkbaar met de 300 Spartanen die vochten bij Thermopylae. Argos won de eerste Slag.

 

Herodotus omschreef het alsvolgt:

Spartanen hadden een deel van het land van Argos ingenomen en de Argeëers eisten dat terug. Beide legers trokken ten strijde en ontmoetten elkaar bij het betwiste stuk land. Men kwam overeen dat de strijd zou worden gevoerd door 300 soldaten van Argos en 300 van Sparta, maar zij moesten allen afkomstig zijn uit de regio. Men ging akkoord aan beide zijden en de rest van de legers trok zich terug voordat de strijd begon.

Het was een harde strijd en er was geen moment waarop men kon verwachten dat er een duidelijke overwinnaar zou zijn. Toen de avond viel, waren er nog slechts drie van de 600 soldaten in leven, maar was de avond niet gevallen dan zouden ook zij om het leven zijn gekomen. De twee Argeërs waren Alkinoras en Chromios en de Spartaan was Orthyadis. De Argeërs renden naar Argos om het nieuws te verkondigen dat zij de overwinnaars waren. De enig overgebleven Spartaan bleef achter op het slagveld en plunderde de lijken van de Argeërs en nam hun wapens mee.

De volgende dag kwamen beide legers aan bij het slagveld en beide eisten de overwinning op. De onenigheid leidde opnieuw tot een strijd waarbij vele doden vielen en uiteindelijk Sparta als overwinnaar uit de strijd kwam.

Dat leidde in Argos tot een nieuwe wet die het mannen verbood om hun haar te laten groeien en voor vrouwen om sieraden te dragen tot het moment dat het betwiste land heroverd was. In Sparta daarentegen was men gewend om het haar kort te knippen, maar daar liet men het juist groeien. Zo ook Orthyadis, de enige overlevende van de oorspronkelijke slag. Hij zag er echter enorm tegenop om terug te keren naar Sparta nadat zoveel kameraden van hem waren gesneuveld. Hij pleegde daarom in Hysiai zelfmoord.

 

De tweede Slag bij Hysiai vond plaats in 417 v.Chr. toen de stad volledig werd verwoest door de Spartanen. De ruïnes van de oude stadsmuren zijn te zien aan de oostkant van de het kerkje.

Hysiai en Pausanias

Pausanias zag hier een monument ter nagedachtenis aan de overwinning van Argos op Sparta. Hij ontdekte dat de strijd had plaatsgevonden tijdens het bewind van Peisistratos in Athene, in het vierde jaar van de 27e Olympiade, toen Eurybotos uit Athene het hardlopen in Olympia had gewonnen. Dat moet daarom in 669 v.Chr. zijn geweest.

Ook zag hij de ruïnes van wat eens de akropolis van Hysiai moet zijn geweest. Pausanias wist dat de stad in 417 v.Chr. verslagen was door de Spartanen.

 

De mythologie

Het is duidelijk dat Pan, de god van wijn en feestvreugde, en de beschermer van herders, de regio regelmatig bezocht. Op de top van de berg Parthenion waar nu een klein kerkje staat, gewijd aan de Maagd Maria, was volgens Herodotus eens een altaar voor hem. Aan de voet van dezelfde berg is een bron die naar de god is vernoemd ('Panikovi').

Een andere godheid die hier bijzonder vereerd werd, was Artemis, godin van de jacht, vandaar dat er in de buurt een berg is met de naam 'Artemision'. Er zijn twee altaren voor deze godin in de buurt van Achladókambos: de eerste ('Portes') in de buurt van de bergtop en een tweede ('Potamia', verwijzend naar 'rivier') vlakbij de weg naar Tripoli.

 

De rest van de geschiedenis

De naam Achladókambos werd voor het eerst in de 17e eeuw gebruikt voor een klein aantal dorpen in de buurt. De eerste huizen werden gebouwd in het hoogste deel van het huidige dorp. De eerste bewoners kozen die plek omdat het vlakbij een bron was en ver verwijderd van een Ottomaanse controlepost annex doorgang. Bovendien kon men redelijk snel de bergen in vluchten als dat nodig was.

Omdat Achladókambos ongeveer halverwege de weg van Argos naar Tripoli ligt, werd het dorp regelmatig gebruikt door reizigers en soldaten als overnachtingsmogelijkheid.

De naam Hysiai werd als naam van het dorp in 1833 opnieuw gebruikt onder koning Otto I, tot 1912, toen men men weer koos voor Achladókambos.

Vanwege de locatie werd het dorp een belangrijk punt in de Onafhankelijkheidsstrijd tegen de Ottomanen die officieel startte op 25 maart 1821. Op 1 mei van datzelfde jaar werd het dorp geplunderd door de Ottomanen, maar alweer een jaar later was het de centrale militaire post van generaal Kolokotronis.

Volgens de historicus en assistent van Kolokotronis, Fotakos, kwam de generaal in het dorp aan op 9 juli 1822. Hij gaf onmiddellijk de opdracht om alle vrijheidsstrijders te verzamelen op het punt met de naam 'Nera' (ten noordoosten van Achladókambos, op de helling van de berg Paravounáki) en trok van daaruit op naar de Ottomanen om de beslissende slag toe te brengen bij Dervenákia (ten noorden van Nauplion).

Ibrahim Pasja was als Egyptische prins de Ottomanen te hulp geschoten en bracht Kolokotronis een gevoelige slag toe op 13 juni 1825 door Achladókambos (en Tripoli) volledig te verwoesten. Deze gebeurtenis bracht 49 jonge inwoners ertoe om de revolutie te steunen en als soldaat dienst te nemen in het leger van Kolokotronis. In die tijd telde het dorp ongeveer 100 families.

In de volgende periode tot 1940 groeide Achladókambos uit tot een gemeenschap met ongeveer 400 families.

Onder de inwoners waren relatief gezien veel hoogopgeleiden zoals dokters, professoren, advocaten, rechters en hooggeplaatste leger- en politie-officieren. Achladókambos bracht zelfs een minister voort en de hoogste rechter van het Hooggerechtshof.

De Tweede Wereldoorlog heeft ook in dit dorp hard toegeslagen. Vele mannen verlieten het om te vechten tegen de Italianen die probeerden vanuit Albanië Griekenland binnen te vallen. Het Griekse leger slaagde erin de Italianen buiten de landgrenzen te houden, maar toen de Duitsers naar het zuiden trokken werd de Peloponnesus en dus ook Achladókambos, snel veroverd.

Ook na de Tweede Wereldoorlog was de ellende voor Achladókambos nog niet voorbij, want tijdens de burgeroorlog die volgde, wilden enkele Partizanengroepen het dorp innemen, maar de lokale bevolking gaf zich niet zonder slag of stoot over. In september 1944, de Duitsers waren toen al vertrokken, vond een ware veldslag plaats. De strijd duurde twee dagen en 52 dorpsbewoners kwamen om het leven.

Na de burgeroorlog was het armoe troef in Achladókambos en daarom kozen ongeveer 350 bewoners er in de 50'er jaren voor om te emigreren, vooral naar Chicago.

 

Mouchli

In 1295 werd door generaal Andronikos Asan ten westen van Achladókambos op de berg Mouchli (900 m) een fort gebouwd dat uitgroeide tot een Byzantijnse stad naar het voorbeeld van Mistras. Het liet duidelijk de macht van de Byzantijnse keizer zien, maar in 1458, vijf jaar na de val van Constantinopel, kwam het fort Mouchli (ook wel Paleomouchli) in handen van de Ottomanen, na een belegering van enkele dagen door Mohammed II, bijgenaamd de Veroveraar. Hij sneed het fort af van de watertoevoer, zodat er voor de kasteelheer Dimitris Asanis niets anders overbleef dan zich over te geven. Het fort werd volledig verwoest en nooit meer opgebouwd.

De restanten dichtbij het dorpje Partheni, zijn niet moeilijk te vinden en te zien vanaf de weg; ongeveer 4 km voorbij de derde afslag Achladókambos aan de oude weg naar Tripoli. Er is een pad en er zijn verschillende fotogenieke ruïnes. Houd er wel rekening mee dat het een lastige klim is tegen de helling op. Stevige schoenen, water en bescherming tegen de zon zijn noodzakelijk.

 

Combinaties

Een bezoek aan Hysiai en Mouchli kan gecombineerd worden met een mooie autorit door de bergen tussen de oostkust van de Peloponnesus en Tripoli. Achladókambos is een slaperig dorpje waar niet veel te beleven of te zien valt. De meeste huizen zijn familiebezit en vrijwel alleen bewoond tijdens de feestdagen en gedurende de vakantiemaand (augustus). Maar als je eerst Hysiai en vervolgens Mouchli hebt bezocht, rijd dan door (richting Tripoli) en sla in het dorpje Agiorgitika linksaf en volg de weg naar Parthéni en Eleochóri, alwaar een paar tavernes zijn om de lunch te gebruiken.

Vanuit Eleochóri vervolg je daarna de weg naar Velanidiá en Spiliotákis om tenslotte uit te komen bij Kalamáki of Kivéri. Onderweg kun je nog even afslaan naar het niet meer gebruikte en dus vervallen stationnetje van Andrítsa.

 

Als je liever de lunch gebruikt aan de zeekant, vergeet dan Eleochóri en Andrítsa en rijd rechtdoor naar de kust (borden 'Astros'). Je komt dan langs dorpjes als Platána, Prostília en het Loukous klooster, dat ook zeker een bezoek waard is, en rijd vanuit Astros een stukje naar het noorden, richting Argos, om rechtsaf te slaan naar Paralía Astros, dat beschikt over een mooie boulevard met veel eetgelegenheden.

Een autorit zoals beschreven gaat grofweg om de berg Parthénio heen, door een zeer afwisselend landschap, over smalle kronkelige weggetjes. De natuur is op z'n mooist in april. Onderstaande foto's zijn gemaakt op de akropolis van Hysiai.

Restanten van het Byzantijnse fort Mouchli

foto © willem van leeuwen

Ontslaping van Maria (schildering in de kerk) Hysiai

foto © willem van leeuwen

Polygonale muur Akropolis Hysiai

foto © willem van leeuwen

uitzicht vanaf Akropolis Hysiai

foto © willem van leeuwen

Een falanx is een gesloten infanterieformatie (hoplieten met lange lansen, metalen helmen en zware schilden, opgesteld in aaneengesloten rijen).

Herodotus was een Grieks historicus die leefde tussen 480 – 420 v.Chr. Hij was de eerste die aan geschiedschrijving deed. Zijn 'Historiën' is zijn bekendste werk. Hij had door zijn vele reizen (Noord-Afrika, Midden Oosten en Klein Azië) een zeer brede algemene ontwikkeling. Met Sophocles behoorde hij tot de vriendenkring van Perikles, de leider van Athene tijdens de bloeiperiode van die stad.

De meeste kloosters in Griekenland zijn te bezoeken, zo ook het Loukous klooster. Ze zijn niet de gehele dag geopend, meestal wel 's morgens tot 13.00 uur en 's middags tussen 16.00 en 18.00 uur. In het Loukous klooster krijgt iedere bezoeker iets te eten en te drinken (zoetigheid en water). Er worden memorabilia verkocht. Houd rekening met uw kleding tijdens het bezoek. Zie voor meer informatie het hoofdstuk 'Astros'.

ouzo on the rocks

apartment, excursions and art historical guide

Peloponnese, Greece

malva sylvestris

foto © willem van leeuwen

muscari comosum

foto © willem van leeuwen

phlomis fruticosa

foto © willem van leeuwen

crepis rubra

foto © willem van leeuwen

Copyright © All Rights Reserved