Nauplion

ouzo on the rocks

apartment, excursions and art historical guide

Peloponnese, Greece

Nauplion 37°34'04.6"N 22°48'04.7"E (parkeerplaats op loopafstand van centrum)

het klooster Agia Moni Nauplion

foto © willem van leeuwen

bron bij het Agia Moni klooster Nauplion

foto © willem van leeuwen

moskee Nauplion, eerste Ottomaanse periode

nu in gebruik als tentoonstellingsruimte

foto © willem van leeuwen

fontein Nauplion, 1e Ottomaanse periode

foto © willem van leeuwen

Palamidi boven Nauplion

2e Venetiaanse periode

foto © willem van leeuwen

Theodoros Kolokotronis (1770 – 1843) was een van de belangrijkste helden uit de Onafhankelijk-heidsoorlog tegen de Ottomanen. Hij kwam uit een familie uit Messini, die bekend stond als ‘κλέφτες’ oftewel een soort Robin Hood-achtige dieven. In zijn jeugd verhuisde hij naar de Ionische eilanden en vond werk in het Britse leger. Toen de Onafhankelijkheidsoorlog uitbrak, ging hij terug naar de Peloponnesos en werd commandant van de rebellen. Hij nam deel aan de bevrijding van Tripoli, maar zijn belangrijkste daad voor Nauplion was het verslaan van het Ottomaanse leger in augustus 1822.

Als gevolg van insubordinatie (het niet opvolgen van bevelen van hogere officieren) werd hij gevangen gezet op het eiland Hydra, maar al snel weer vrijgelaten om mee te vechten in het rebellenleger. Vervolgens bevocht hij de legers van Ibrahim Pasha, een Egyptenaar, die met zijn leger de Ottomanen in Griekenland te hulp was geschoten.

In 1825 vroeg Kolokotronis assistentie aan het Britse leger, waarna Sir Richard Church opperbevelhebber werd van het bevrijdingsleger. En drie jaar later ondersteunde Kolokotronis de nieuwe regering van Kapodistrias (zie hieronder).

Na de moord op Kapodistrias ondersteunde hij zelfs de komst van koning Otto, maar hij keerde zich tegen de koning toen hij zag dat deze zich liet omringen met alleen maar Duitsers. Kolokotronis werd hierop gearresteerd en enige tijd gevangen gezet in het Palamidi. Hij werd ter dood veroordeeld, maar de koning verleende hem gratie en begon zelfs een charmeoffensief; de koningin regelde een huwelijk tussen de zoon van Kolokotronis en een meisje uit de koninklijke familie. Dit leidde tot zijn uitspraak: ‘De bontmantel heeft zich verenigd met de herderscape’.

En toen de universiteit van Athene werd geopend merkte hij op: ‘Op een dag zal de universiteit het koningshuis verwoesten, omdat de intelligente studenten belangrijker voor onze natie zullen worden dan ons heldendom’. Hij stierf op 72-jarige leeftijd.

 

De Griekse graaf Ioannis Antonios Kapodistrias (1776 – 1831) was als diplomaat werkzaam voor het Russische Rijk en werd de eerste president van Griekenland na de Onafhankelijkheidsoorlog tegen de Ottomanen. Hij kwam uit een aristocratische familie van Korfoe en verhuisde naar Italië om filosofie en medicijnen te studeren. Toen hij zijn studies had afgerond keerde hij terug naar Korfoe, maar vluchtte naar Rusland toen de Fransen het eiland veroverden. In Rusland werd hij diplomaat in het Russische leger. Hij was daarin zo succesvol dat hij woordvoerder werd voor buitenlandse aangelegenheden.

Toen in Griekenland de Onafhankelijkheidsoorlog begon probeerde hij de Russische tsaar zo ver te krijgen dat deze de Griekse rebellen ondersteunde, maar zijn verzoeken daartoe waren tevergeefs. Vervolgens nam Kapodistrias ontslag en vertrok naar Zwitserland, om vanuit dat land steun te verwerven voor de Griekse zaak. Toen de Turken uiteindelijk waren verslagen werd Kapodistrias gevraagd om president te worden van de nieuwe natie. Hij accepteerde de baan in januari 1828. In het dorpje Troizen (in de buurt van Nauplion) werd hij tot president gekozen tijdens de Derde Nationale Vergadering. Hij had profijt van zijn diplomatieke ervaring en reisde half Europa af voor steun voor Griekenland. Er was na de strijd tegen de Turken weinig over van Griekenland, want behalve onder ruim zeven jaar Onafhankelijkheids-strijd had het land ook erg te lijden gehad onder vier eeuwen dictatuur. Het lukte Kapodistrias steun te verkrijgen en hij organiseerde het land.

Nauplion werd de eerste hoofdstad van het vrije Griekenland, waardoor de bevolking van de stad toenam.

afbeelding van Kolokotronis op een biljet van 5000 drachmes

afbeelding van Kapodistrias op een biljet van 500 drachmes

In deze gids is Nauplion een uitvalsbasis. De stad ligt ongeveer 150 km ten westen van Athene aan de Golf van Argolida en is zeer geliefd bij vooral, maar niet alleen, de Griekse toeristen. Dagelijks gaan grote cruiseschepen voor de kust voor anker, wat tot gevolg heeft dat het oude centrum bomvol met restaurantjes en souvenirwinkeltjes is. Maar ook dure kledingwinkels zijn er volop.

 

Wat Nauplion nu aan gebouwen laat zien is hoofdzakelijk een overblijfsel uit de late middeleeuwen. In het antieke Griekenland was Nauplion van vrijwel geen betekenis. Er zijn wel een paar overblijfselen gevonden uit de klassieke periode (450 – 400 v.Chr.) en ook een deel van een polygonale muur.

Nauplion is ondanks haar aantrekkingskracht op de vele toeristen een leuke en zeer interessante stad en heeft behoorlijk wat te bieden. Niet alleen vanwege de rijkdom in architectuur, maar ook vanwege de collectie in het archeologisch museum en de mogelijkheid om er meer dan eens te genieten van uitstekende maaltijden.

 

De oudst bekende vermelding van Nauplion is gevonden op de basis van een (verdwenen) beeld uit de graftempel van Amenhotep III, die over Egypte regeerde van 1391 tot 1353 v.Chr., waarop de naam voorkomt op de zogenaamde ‘Egeïsche lijst’ en waarop we ook steden als Knossos, Mycene en Kythera vinden. Nauplion moet in die tijd als havenplaats voor Mycene gefungeerd hebben, volgens E.H.Cline in zijn boek '1177 v.Chr.; het einde van de beschaving' uitgegeven bij Ambo/Anthos Amsterdam.

Uit archeologisch onderzoek blijkt dat het schiereiland al in het derde millennium v.Chr. werd bewoond.

 

De geschiedenis volgens Pausanias en Strabo

De stad was volledig verlaten toen Pausanias er was. Hij beschreef hoe Nauplion was gesticht door een koning die Nauplios ('de Navigator') heette en een afstammeling zou zijn van Poseidon en Amymone.

Amymone wordt genoemd als een van de dochters van Danaos. Haar naam verwijst naar ´onschuld´ wat zou kunnen inhouden dat zij dezelfde is als Hypermnestra, de dochter van Danaos, die als enige haar echtgenoot niet vermoordde in de eerste huwelijksnacht. Zie voor meer informatie het hoofdstuk 'Argos'.

 

In de etymologische woordenboeken is 'navigatie' afkomstig uit het Latijn waar 'navis' schip betekent en 'agare' bewegen of sturen. In het Nieuw-Grieks betekent 'ο ναύτης' de matroos en 'ο ναυτικός' de zeeman.

De zoon van Nauplios was Palamedes; we komen hem tegen in Homerus' Ilias en hij wordt genoemd als de uitvinder van de dobbelstenen en het schaakspel. Omdat hij (valselijk) beschuldigd werd van diefstal werd hij gestenigd. Koning Nauplios raakte zo geëmotioneerd en boos dat hij opzettelijk verkeerde vuurbakens op zee plaatste waardoor enkele uit Troje terugkerende schepen met man en muis vergingen.

 

Ofschoon Nauplion tijdens het bezoek van Pausanias leeg en verlaten was, zag hij de restanten van een heiligdom voor Poseidon en een haven. Er was ook een bron waar Hera elk jaar kwam om zichzelf te reinigen en haar maagdelijkheid terug te krijgen. Deze plek heette Kanathos en is nu te vinden vlakbij het vrouwenklooster Agia Moni aan de oostkant van Nauplion.

We weten dus niet zo heel veel over Nauplion in de oudheid, behalve dat het waarschijnlijk niet erg belangrijk is geweest. Wat we weten, hebben we te danken aan Pausanias en zijn collega Strabo, die leefde van 64 v.Chr. tot 24 AD. Zijn enig bewaard gebleven werk heet ‘Geographika’. Het is een boek over landen en hun inwoners in Europa, Azië en Afrika. Hier en daar is het voorzien van historische, mathematische en medische opmerkingen. Een van zijn summiere opmerkingen bevestigt dat Nauplion vermoedelijk wel een marinebasis voor Argos moet zijn geweest nadat de Doriërs rond 1100 v.Chr. op het toneel verschenen. Daarnaast noemt Pausanias nog de muren van het heiligdom voor Poseidon.

Omdat Nauplion beschikt over een vrijwel natuurlijke haven nemen zij beiden aan dat het ook de haven voor Tiryns moet zijn geweest tijdens de laat-helladische periode (1550 – 1100 v.Chr.). Naast de restanten van een klassieke tempel op het schiereiland Akronauplia zijn er ook resten gevonden van huizen uit de hellenistische periode en van een cyclopische muur.

 

De andere geschiedenis - Byzantijnse periode

Tijdens de 6e eeuw besloten de Byzantijnse vorsten om een garnizoen soldaten naar Nauplion te sturen en naar Monemvasia in het zuiden van de Peloponnesus. We weten nu dat er in die tijd een kleine nederzetting moet zijn geweest aan de voet van de Palamidi heuvel. Dat is op de plek waar nu ongeveer het oude station ligt, de markt wordt gehouden en de brandweerkazerne is. Byzantijns Nauplion werd bewoond door vluchtelingen uit andere delen van de Peloponnesos, die verjaagd waren door Slavische stammen.

Vanaf de 9e eeuw werd Nauplion redelijk bewoond en werd het een goed georganiseerde stad, die echter afhankelijk was van Argos. De stad werd om strategische redenen wel steeds belangrijker. Omdat Nauplion steeds vaker werd aangevallen door piraten bouwde men rond 1050 een muur rond de stad (toen nog alleen op het schiereiland). De stad werd tevens een commercieel centrum.

De 12e eeuw was een periode van vooruitgang. De gehele stad was voorzien van een stevige verdedigingsmuur en daarbuiten was geen bebouwing.

 

De Franken

In 1204 AD veroverden de kruisridders Constantinopel, dat tot die tijd de hoofdstad van het Byzantijnse Rijk was. Omdat veel kruisridders uit het Frankische Rijk afkomstig waren, werden zij Franken genoemd, een naam die tot in de 19e eeuw gebruikt zou worden voor bezoekers van Griekenland, afkomstig uit West-Europa.

Het resultaat van de verovering van Constantinopel was onder andere dat de kruisridders verder in het Byzantijnse Rijk op weinig verzet stuitten. Behalve bij Nauplion; hier was het verzet hevig en sterk. In 1205 kostte dat legeraanvoerder Leon Sigouros op de stadsmuren zijn leven. Het was echter pas vijf jaar later dat Geoffrey de Villehardouin de stad kon innemen met hulp van vier schepen uit Venetië. Daarna werd de stad bestuurd door verschillende Frankische families tot de dag dat een weduwe, na de dood van haar echtgenoot, de sleutels van de stad gaf aan de doge van Venetië, uit angst dat de stad anders in handen zou vallen van de despoot van Mistras. Dat was in 1439. De doge accepteerde het aanbod en de weduwe mocht in de stad blijven wonen, zonder dat zij verder lastig gevallen werd en vanaf nu was de stad een kolonie van Venetië.

 

De eerste Venetiaanse Periode (1439 – 1540)

In de eerste Venetiaanse periode ging men allereerst op zoek naar bondgenoten om de Ottomanen buiten de deur te houden. Nauplion was zich er bewust van dat de stad een prima strategische positie had en belangrijk was voor de handel en kreeg daarom de steun van Athene en de overgebleven Byzantijnen.

Het stadsplan van Nauplion werd in deze tijd ontwikkeld. Het oudere deel van de stad is in de eerste Venetiaanse periode ontstaan. Dat is goed te zien aan de bouw van de huizen. Uit angst voor de piraten, had iedereen nog steeds binnen de stadsmuren gewoond, maar toen Nauplion sterker werd, vond uitbreiding plaats naar het noorden. De eerste huizen buiten de stadsmuren werden rond 1500 gebouwd. Om de stad beter te kunnen verdedigen werden de stad en het Castello di Toro op het schiereiland versterkt en werd er een kleine burcht gebouwd op het eilandje voor de kust (dat tegenwoordig Bourdzi heet). De Italiaanse naam voor Nauplion was toen ‘Porto Catena’, verwijzend naar de haven met de stalen ketting. De vaargeul naar de haven kon namelijk ´s nachts met een stalen ketting van het eilandje naar de wal worden afgesloten. De stad floreerde en rond 1530 woonden er zo’n 10.000 mensen. Maar tien jaar later veroverden de Turken de stad en de Venetianen vluchtten naar de Ionische eilanden, naar Kreta en terug naar Venetië.

 

De eerste Ottomaanse periode (1540 – 1686)

Nauplion werd vervolgens de hoofdstad van de Ottomaanse Peloponnesos. Daarom had het meer privileges dan andere steden en werd het de belangrijkste stad op de Peloponnesos, ondanks dat het ernstig te lijden had gehad onder de strijd tussen de Venetianen en de Ottomanen. Binnen aanzienlijke tijd maakten de overlevenden van de stad weer een belangrijk economisch centrum. Er woonden veel Grieken in Nauplion, minder Turken en enkele Joden. Men kon hier redelijk met elkaar overweg in een wat we nu een gedwongen harmoniemodel zouden noemen. In 1686 woonden er 8.000 mensen in de stad en waren er 3.000 Turkse soldaten gelegerd. Er werden badhuizen, fonteinen en moskeeën gebouwd.

In de 17e eeuw had Venetië veel van haar oude glorie en haar kolonies verloren. Vooral de winstgevende steden op de Peloponnesos, waar Nauplion er een van was, werden node gemist. Veel Venetianen dachten daarom aan herovering van de oude kolonies. De daaropvolgende strijd vergde vele mensenlevens. Nauplion werd weliswaar heroverd op de Turken, maar slechts dertig huizen kwamen ongehavend uit deze strijd. Het volledige zuidelijke deel was weggeblazen bij de ontploffing van de opslagplaats voor buskruit. Het enige Turkse overblijfsel uit deze periode is de moskee aan de zuidkant van het huidige Syntagmaplein, recht tegenover het Archeologisch museum.

 

De tweede Venetiaanse periode (1686 – 1715)

De tweede Venetiaanse periode duurde slechts 28 jaar, maar deze korte periode was erg belangrijk voor de ontwikkeling van de stad. Het is moeilijk te geloven dat in een relatief korte tijd zoveel belangrijke projecten werden gerealiseerd. Men vond dat de oude huizen niet langer aan de wensen van de nieuwe tijd voldeden en daarom werden ze aangepast en gemoderniseerd. De gehele periode was er een Ottomaanse dreiging, dus begon men allereerst met het versterken van de stadsmuren en het bouwen van een fort boven op de heuvel (Palamidi).

De stad werd tevens weer de Venetiaanse hoofdstad op de Peloponnesos (toen Morea genoemd, refererend aan de moerbei) en behoorde tot de provincie Romania.

In 1700 telde de stad 5.900 inwoners en in 1714 begon een nieuwe strijd tegen de Turken. Er waren slechts 1.700 Venetiaanse soldaten om de stad te verdedigen, terwijl 120.000 Turken hun kamp hadden opgeslagen bij Tiryns. De haven werd geblokkeerd met vijftig schepen en door verraad van een Franse commandant viel de stad opnieuw in handen van de Turken.

 

De tweede Ottomaanse periode (1715 – 1822)

Direct na de herovering bezocht sultan Ahmed III de stad en benoemde hem weer tot Ottomaanse hoofdstad van de Peloponnesos, maar in 1786 werd Tripoli om militaire redenen uitgeroepen tot hoofdstad, waarna het belang van Nauplion snel afnam en de relatie tussen de 4.000 Grieken en de Ottomaanse overheersers steeds slechter werd. Veel Grieken verloren hun bezittingen aan Ottomanen en de stad verloor zijn privileges. Al snel werd Nauplion een oosterse stad en raakte het de grandeur van een eens zo belangrijke Europese handelsstad kwijt. Er kwamen meer moskeeën en badhuizen en er werden naar Ottomaanse stijl smallere huizen gebouwd met overdekte balkons. Aldus werd het een oosterse stad en de haven vervuilde. Bezoekers in de 18e eeuw vonden de stad erg oriëntaals en decadent. Er was veel spanning tussen de verschillende bevolkingsgroepen, hoofdzakelijk vanwege het gedrag van de Ottomanen.

Aan het einde van 1822 (een jaar na het begin van de Onafhankelijkheidsstrijd) moesten de Ottomanen de sleutels van de stad inleveren bij Kolokotronis, een bevelhebber van het Griekse leger.

Kapodistrias liet voor de soldaten van de Onafhankelijkheidsoorlog en de snel groeiende bevolking een nieuwe woonwijk aanleggen. Die wijk (Pronoia) ligt aan de rechterkant van de omhooglopende weg naar Karathona Beach. Er zijn nog een paar oude taverna's te vinden die een bezoek waard zijn vanwege de lokale wijn en mezedes.

Hij bracht leven in de economie en in de cultuur, maar helaas had hij ook vijanden. Sommigen konden niet tegen zijn obsessie voor orde en recht. Een deel van de Grieken zag hem als tiran, die zijn doelen probeerde te realiseren ten koste van hun persoonlijke vrijheid. Dat is de reden dat een van de helden van de moderne Griekse geschiedenis werd omgebracht. Twee broers uit de Mavromichalis familie (uit de Mani, in het zuiden van de Peloponnesus) zagen in hem een Russische agent en schoten hem dood in de straten van Nauplion, toen hij een dienst verliet in de Agios Spyridon kerk.

 

De eerste hoofdstad (1828 – 1834)

In 1830 werd er in Londen een protocol ondertekend waarin de Griekse onafhankelijkheid werd erkend.

In 1831 – na de dood van Kapodistrias – stelden de Engelsen voor om de Duitse prins Otto van Beieren te accepteren als koning van Griekenland. Aldus geschiedde en Nauplion werd ook de woonplaats van de koning, al was dat maar voor een korte periode omdat in 1834 Athene tot hoofdstad werd gekozen.

Aan de rechterkant van de weg naar Tolo, in de buurt van de begraafplaats (achter de Lidl) vind je de Beierse leeuw, uitgehouwen uit de rotsen. Het beeldhouwwerk is gemaakt door Eric Ziegel, als eerbetoon aan de Beierse soldaten die gesneuveld zijn in het leger van de koning.

Let op: een afgebeelde leeuw met vleugels stamt uit de Venetiaanse periode, en een leeuw zonder vleugels verwijst naar de vorst van Beieren.

Een toelichting op het Griekse koningshuis vind je in het hoofdstuk Het Griekse Koningshuis.

 

Palamidi

Palamidi is het grootste Venetiaanse complex in Griekenland, gesitueerd op de 216 m hoge heuvel aan de oostkant van Nauplion en gebouwd in de Tweede Venetiaanse periode in het begin van de 18e eeuw. Eerst werd alleen een muur op de top van de heuvel gebouwd en later volgden verschillende bastions. Het complex bestaat namelijk uit acht onafhankelijke en zelfvoorzienende burchten die met elkaar in verbinding staan. Zeer veel arbeiders en soldaten hebben het in minder dan 3 jaar gebouwd. Het was gemaakt om elke aanval te kunnen weerstaan, maar helaas viel het al na een belegering van een week in handen van de Turken. Het hoofdkwartier was in het zogenaamde Andreasbastion met de karakteristieke Venetiaanse Leeuw boven de ingang. Op de binnenplaats vinden we de kleine kapel van Sint Andreas en aan de achterzijde bevindt zich de cel waar Kolokotronis een korte periode gevangen is gezet, nadat hij beschuldigd was van verraad.

 

Een bezoek aan Palamidi is zeker de moeite waard; het is er zelden druk en je hebt er schitterende uitzichten over Akronauplio (het schiereiland), over de moderne stad en de zee. Vanaf het drukke kruispunt bij de markt in Nauplion staat Palamidi op borden aangegeven. Je volgt de weg naar Karathona Beach (een zandstrand ten zuiden van Nauplion) en na ongeveer 3 km is er een zijweg naar rechts naar de parkeerplaats en ingang van de burcht.

 

Een andere mogelijkheid om Palamidi te bezoeken is door de deels overkapte trap (met ongeveer 900 treden) te nemen die je vindt aan de westkant van Nauplion (bij de brandweerkazerne).

 

Akronauplia

Het schiereiland was het eerste bebouwde deel van Nauplion. Men begon hier huizen te bouwen in de 15e eeuw, hoewel dit gebied ook al bewoond is geweest in de Griekse oudheid. Een van de oudste overblijfselen betreft een deel van een polygonale muur op het hoogste en westelijke deel, uit de 4e of 3e eeuw v.Chr. Ook zijn er nog delen van muren uit de hellenistische tijd. Op de polygonale muur bouwden de Byzantijnen als eersten hun verdedigingswerk.

Toen de Franken in 1212 Akronauplia innamen werd het verdeeld in twee kastelen: het zogenaamde kasteel van de Grieken (B) op het hooggelegen deel en dat der Franken(C) iets meer naar het oosten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Om de toegang tot het kasteel van de Grieken te controleren en om zicht te houden op het lager gelegen deel van de stad, is er een toren op het midden van de heuvel gebouwd. De enkele Frankische delen die bewaard zijn gebleven zijn ten oosten van het kasteel der Franken. Het grootste deel van dit deel van Akronauplia wordt nu in beslag genomen door een groot hotelcomplex. Resten van de oude bouwwerken zijn wel te herkennen.

De Venetianen repareerden de muren van de kastelen en bouwden zelf het Castello di Toro (D). De kleine toren tussen deze twee kastelen in, staat er vandaag de dag nog steeds en is een uitstekend voorbeeld van militaire bouw uit de Italiaanse Renaissance. Aan de oostzijde van de Akronauplia is het Grimani bastion (E) gebouwd. In de muren ervan is het symbool van de Venetianen (de gevleugelde leeuw van St. Marcus) nog te herkennen. Wandel eens achter de brandweerkazerne omhoog en ga voor de parkeerplaats naar rechts; een stukje verderop (omhoog) heb je een schitterend uitzicht over de stad en je staat voor de Venetiaanse en Frankische resten. Je kunt ook aan het eind van de boulevard de trap op naar de parkeerplaats en de lift van het hotel nemen en vervolgens naar het oosten wandelen. Overigens heb je vanaf de parkeerplaats bij de haven ook een schitterend zicht op Akronauplia en zijn de Venetiaanse en Frankische burchten goed te onderscheiden.

 

 

Bourdzi

Het kasteel met de Turkse naam Bourdzi, op het eilandje voor de kust, is net als de Palamidi-burcht gebouwd door de Venetianen in de eerste Venetiaanse periode (rond 1473). Het heeft verschillende namen gehad in de loop der tijd, afhankelijk van wie er de baas was in Nauplion. Uiteindelijk is de Turkse naam gebleven. Het betekent ‘kasteel in de zee’.

Net als de bastions op Akronauplia is het een voorbeeld van Renaissancebouw. De Venetianen hadden vanuit economisch oogpunt bijzondere aandacht voor maritieme zaken en daarom groeven zij een vaargeul om het inkomende en uitgaande scheepvaartverkeer beter te kunnen controleren.

’s Nachts werd een stalen ketting gespannen tussen het eilandje en het vasteland, zodat er geen schip meer in of uit kon.

Bourdzi bleef tot het midden van de 19e eeuw in gebruik als militair fort, maar vanaf 1865 werd het de woning van de beul van Nauplion. Er werden nogal wat doodvonnissen voltrokken in de inmiddels tot gevangenis omgebouwde Palamidi-burcht, maar het was de beul niet toegestaan om in Nauplion zelf te wonen.

Na 1930 heeft Bourdzi verschillende functies gehad: het was ooit een hotel, een restaurant en een zaal voor culturele evenementen. Tegenwoordig is het in handen van de Griekse overheid en gebeurt er dientengevolge niets. Men kan het bezoeken met een van de kleine bootjes die vertrekken vanaf de boulevard.

 

Het Archeologisch Museum

In iedere Griekse stad of zelfs in ieder Grieks dorp vind je wel een plein dat is vernoemd naar de grondwet. Het wordt dan Plateia Syntagmatos genoemd en verwijst naar een van de eerste acties na de Onafhankelijkheidsoorlog tegen de Turken. Er is ook zo’n plein in het hart van Nauplion.

 

Aan dit plein ligt het archeologisch museum. Het is gebouwd in de tweede Venetiaanse periode (1686 – 1715) door Augustino Sagredo en was eerst het arsenaal (of verblijf) voor de Venetiaanse marine. Het telt drie verdiepingen en neemt bijna de gehele westzijde van het plein in beslag. Op de begane grond vinden we de kantoren van het Instituut voor Prehistorische en Klassieke Oudheden.

De objecten in het museum zijn in chronologische volgorde opgesteld en we beginnen op de eerste verdieping met een paar interessante vondsten uit Franchti en Kefalari uit het paleolithicum en het mesolithicum. De vondsten zijn vermoedelijk zo’n 31.000 tot 8.000 jaar oud. Dit is niet de plek om in detail te treden, maar een bezoek is zeer zeker de moeite waard. Je ziet namelijk daarnaast in het museum veel bijzondere stukken uit zowel de vroeg- als midden-helladische tijd (zie Griekse Chronologie).

 

Voor degenen die Midea, Dendra, Tiryns, Asine of het Heraion van Argos hebben bezocht, is het museum bijna een ‘verplicht nummer’, want ook uit de laat-helladische periode vind je hier prachtige werken. Het zal de bezoeker zeker duidelijk worden dat de Myceense steden – gelet op de tentoongestelde vondsten – al ruim voor de opkomst van de Myceense beschaving bewoond waren.

Het complete bronzen harnas is gevonden in een Myceens graf in de buurt van Dendra. Daarnaast is er een zeer bijzonder terracotta beeldje van een vrouwenfiguur uit de twaalfde eeuw v.Chr. uit Tiryns en de vermoedelijk verkeerd benoemde ‘Prins van Asine’ uit dezelfde periode; een beeld dat waarschijnlijk een godin moet voorstellen (foto´s hierboven). Het lichaam van het vrouwenfiguurtje is op een draaischijf gemaakt. Ze heeft haar armen opgeheven: het is een belangrijk voorbeeld van de ‘Myceense terracotta kunst’. Het beeldje is gevonden in een heiligdom in Tiryns. Het gezicht met een zeer prominente neus en ronde ogen zijn met de andere onderdelen van het lichaam apart gemaakt en later samengevoegd met het lichaam. De vrouw draagt een diadeem, halskettingen en armbanden, terwijl haar kostuum ook is versierd met sieraden. Het haar valt in drie vlechten tot op haar dijen. Eén van die vlechten kunnen we nog herkennen.

Ook is op de eerste verdieping nog een interessant beeldje te zien dat recent in Midea gevonden is van een godin; ook met een cilindrisch lichaam met een stevige boezem, lange hals en een verhoudingsgewijs klein hoofd. Alle objecten zijn overzichtelijk achter glas uitgestald.

Men begint op de tweede verdieping met de vondsten uit de Myceense periode (laat-helladisch), maar hier treffen we ook de vondsten aan uit de hellenistische periode en een collectie zwartfigurig aardewerk uit de 6e en de 4e eeuw v.Chr.

Op deze verdieping vinden we ook objecten die niet in Argolida gevonden zijn, maar in Corinthe. Hier vooral veel mooie voorbeelden uit de geometrische periode en tenslotte een paar stukken uit zowel de klassieke (450 - 330 v.Chr.) als de hellenistische periode (323 - 31 v.Chr.). Maar ook de archaïsche periode (650 - 480 v.Chr.) is vertegenwoordigd in het tentoongestelde aardewerk.

A – laaggelegen stad

B – Castello di Greci

C – Castello di Franchi

D – Castello di Toro

E – Grimani bastion

‘Prins van Asine’, 12e eeuw v.Chr.

Archeologisch museum Nauplion

foto © willem van leeuwen

Komboloi museum

Dit is meer een winkel dan een museum, maar je vindt er bijzondere exemplaren van de typische kralenkettinkjes waarmee veel Griekse mannen de tijd doorbrengen. Anders dan de Rooms-katholieke rozenkrans heeft de komboloi geen religieuze betekenis. In de Griekse cultuur worden ze gebruikt om verschillende redenen, waarvan op een rustige manier de tijd doorbrengen vermoedelijk de belangrijkste is; vooral door mensen die minder willen gaan roken. Daarnaast worden ze gebruikt als een amulet voor de bescherming tegen het boze oog. En tenslotte kan het ook een statussymbool zijn, vooral als de kralen van zilver of amber gemaakt zijn, hoewel dat tegenwoordig minder voorkomt.

Er zijn grofweg twee manieren om met de komboloi ‘te spelen’. De meest algemene en rustige methode bestaat uit het schuiven van de kralen van de ene kant van het kettinkje naar de andere. Zijn ze allemaal aan de ene kant dan wordt de komboloi omgedraaid zodat alle kralen weer naar de andere kant vallen en begin je opnieuw. De andere methode die wat luidruchtiger is vereist ook wat meer handigheid en veel oefening. De kralen van de ketting worden in twee niet-gelijke groepjes verdeeld. Daar waar de twee draden van de komboloi leeg zijn, leg je hem tussen je middelvinger en je wijsvinger. De handpalm naar je lichaam gekeerd. Vervolgens geef je met je hand een draai waardoor het voorste deel over je wijsvinger heen slaat en je hem kunt klemmen met je duim. Dit wordt een aantal keer ritmisch herhaald waardoor een klikkend geluid ontstaat. Zoals gezegd vereist deze methode veel oefening.

 

Oorlogsmuseum

Sinds 1988 is het Oorlogsmuseum gehuisvest in een Neoklassiek gebouw in het oude centrum van de stad, op de hoek van de Odos Amalias en de Odos Angelos Terzakis. Het was oorspronkelijk de Officiers Academie, gebouwd in opdracht van Kapodistrias, Griekenlands eerste president in 1828.

Veel gravures, foto’s en andere memorabilia uit vroegere tijden van dappere mannen met snorren en baarden, niet alleen uit de Onafhankelijkheidsstrijd, maar ook uit de Balkanoorlog, de problemen met Turkije in 1920 en de Tweede Wereldoorlog.

 

Het Folkloristisch museum

Het museum is gevestigd op de hoek van de Ypsilantou Sofroni en Vasilis Alexandrou. Er worden veel oude kostuums getoond, borduurwerk, oude gereedschappen en sieraden. Enkele jaren geleden is het gerenoveerd.

 

Nationaal museum en Alexandros Soutzos museum

Twee musea in een schitterend gebouw met een steeds wisselende schilderijencollectie aan de Sidiras Merarchiasstraat (in de buurt van het oude spoorwegstation).

Agios Andreas bastion in het Palamidi

foto © willem van leeuwen

Bourdzi, Golf van Argolida (Argos op de achtergrond)

foto © willem van leeuwen

Archeologisch museum Nauplion

Plateia Syntagmatos – het Plein van de Grondwet

foto © willem van leeuwen

vrouwenfiguur uit Tiryns, 12e eeuw v.Chr.

Archeologisch museum Nauplion

foto © willem van leeuwen

terracotta, hellenistische periode (323 – 31 v.Chr.)

Archeologisch museum Nauplion

foto © willem van leeuwen

12e eeuws terracotta beeld van een vrouw (godin-koningin), 12e eeuw, Tiryns

Archeologisch museum Nauplion

foto © willem van leeuwen

De Griekse komboloi

foto © willem van leeuwen

Stadswandeling

Een van de leuke eigenschappen van Nauplion is dat bijna alle interessante dingen op loopafstand van elkaar liggen. In een kwartiertje loop je van de ene naar de andere kant van het historische centrum. Er zijn een paar straten waar auto’s mogen komen, maar het is grotendeels autovrij. Het beste is dan ook om je auto op de grote parkeerplaats bij de zee achter te laten en te voet de stad te verkennen. Natuurlijk is er voor de echte toeristen de mogelijkheid van het huren van een koetsje of kun je proberen een plekje te bemachtigen in het toeristentreintje en de voor de hand liggende ‘city tour’ te doen. Op je gemak slenteren door de straatjes van Nauplion en hier en daar een souvenirwinkeltje bezoeken is aan de andere kant ook erg leuk. Hieronder vind je twee voorstellen tot wandelingen.

De eerste is een wandeling rond het schiereiland en begint aan het eind van de boulevard, voorbij de terrassen van de grote restaurants. Die terrassen zijn het gehele jaar (vooral op zondagen) voor de Grieken ‘the place to be’ en dus druk bezocht. Aan het eind van de boulevard, bij een kleine pier kun je links aanhouden en langs de zee blijven lopen. Eerst ga je nog achter een restaurant/bar langs en daarna kom je op een wandelpad met de zee aan je rechterhand en de rotsen aan je linker. Verdwalen is hier onmogelijk want je kunt maar één kant op.

Het pad eindigt bij het beschutte strand ‘Arvanitia’, het stadsstrand van Nauplion. Hier wordt het gehele jaar door gezwommen en gezond. De naam van dit strand is afgeleid van het Ottomaanse woord voor 'Albanezen'. Het verhaal gaat dat hier honderd Albanezen omgekomen zijn nadat ze van de muren van Palamidi waren gegooid door de Ottomanen. Een ander verhaal vertelt echter een minder gruwelijk feit, namelijk dat hier enkele huisjes hebben gestaan van Albanezen.

Vanaf de parkeerplaats loopt een weg naar beneden die je weer in het centrum brengt ter hoogte van het busstation en de brandweerkazerne. Op de kaart is deze wandeling groen aangegeven en vervolgt via het plein waar het stadhuis aan gevestigd is, verder naar het Plateia Syntagmatos.

 

De tweede wandeling voert door allerlei nauwe straatjes met hier en daar trappen en soms mooie uitzichten op het lagere deel van de stad en begint op het plein voor het hotel ‘Grande Bretagne’. Je gaat de straat in die tussen het hotel en het restaurant ‘Napoli di Romania’ ligt. Je ziet aan de laatste naam de invloed van de Venetianen. Nauplion maakte op een bepaald moment deel uit van de Italiaanse provincie ‘Romania’ en de eetgelegenheid werd vernoemd naar het Napels van die provincie, zoals Nauplion in 1470 werd genoemd.

Aan de rechterkant kom je het hotel King Otto tegen. Het interieur herinnert aan tijden van Duitse grandeur, maar het is momenteel een shabby en vrij dure overnachtingsmogelijkheid. Aan de linkerkant vind je de Byzantijnse Panagia kerk met direct daarnaast de beste Italiaanse ijssalon van Nauplion. Aan het eind van de straat slaan we linksaf de Odos Staïkopoulou in. De huizen en de restaurants in deze straat dateren uit de tweede helft van de negentiende eeuw. Als je aankomt bij de Odos Ethnikis Antistasis, ga je rechtsaf de trappen op. Je ziet dan een oude moskee. Vanachter de hekken kun je de binnenplaats bekijken. De moskee was de plek waar de eerste regering van het vrije Griekenland bijeenkwam na de Onafhankelijkheidsstrijd tegen de Ottomanen. Die ruimte van de moskee wordt nu als conferentiezaal gebruikt. In andere delen van de moskee is een muziekschool gevestigd.

Terug naar de Ethnikis Antistasis en links de trappen op. Vervolgens weer links de Konipoleosstraat in; hier heb je een mooi zicht op de moskee. Als je de kleine kerk hebt gepasseerd, ga je linksaf, weer de trappen op. Via de Odos Konstandinos Athniopoulou ga je weer naar beneden en rechtsaf de Odos Ioanni Kapodistriou in, in de richting van hotel Byron. Aan de rechterkant van de straat zijn de resten van een Turks badhuis met Arabische inscripties en versieringen. Kapodistrias werd vermoord toen hij de kerk verliet. Je kunt de inslag van de kogel(s) nog zien.

Resten van een ander Turks badhuis zijn aan de Plateia Spiridonos. Dit is vlakbij de enige Rooms-katholieke kerk in Nauplion. Verderop in de Odos Papanikolaou, vlakbij de taverne Kalamarakia, sla je linksaf in de richting van de Plateia Aghiou Georgiou, met de belangrijkste kerk van Nauplion. In de kerk vinden we veel votief-plaatjes en -geschenken.

Vervolgens neem je de Odos Genadio tot je aankomt bij de Odos Vasili Konstandinou, waar je linksaf gaat. Daarna rechtsaf de Odos Angelou Terzaki in. Bij het Oorlogsmuseum steek je de straat over en ga je de Odos M. Sofroni in tot bij het Folklore Museum. Daar neem je de hoofdstraat (Amalias) om uit te komen en de wandeling te beëindigen op het Syntagmaplein.

 

Combinatiemogelijkheden

Een stadswandeling door de smalle straatjes, of om het schiereiland heen, gecombineerd met een drankje op het Plateia Syntagmatos is eigenlijk al een goede combinatie, maar ben je in voor meer, dan is een tochtje met de boot naar Bourdzi een aardige aanvulling voor 4,- per persoon. De bootjes vertrekken vanaf de boulevard.

Een bezoek aan Palamidi (8,- per persoon) kun je het best combineren met een bezoek aan Karathona Beach, zo kun je na een vermoeiende rondwandeling door de verschillende bastions verkoeling zoeken op het zandstrand met ligstoelen en verschillende bars.

 

 

Extra:

Karl Baedeker (geboren in Essen in het toenmalige Pruisen) leefde van 1801 tot 1859 en opende op zijn 26e een boekhandel in Koblenz en verwierf op een gegeven ogenblik de rechten op een reisgids over een reis langs de Rijn. Iets later begon hij zelf reisgidsen te schrijven. In zijn tijd was het toerisme nog een luxe aangelegenheid, maar toen de economische situatie in Europa verbeterde werden de gidsen ook uitgebracht in het Engels en Frans. Zijn erfgenamen hebben de uitgeverij voortgezet, tot de laatste Baedeker (Eva) in 1984 overleed. Het bedrijf heet nu Baedeker Allianz Reiseführer en brengt nog steeds reisgidsen op de markt in verschillende talen.

In 1889 verscheen "Greece, a handbook for travellers'; vijf jaar later verscheen een tweede druk, gevolgd door een derde in 1905 en een vierde in 1909. Een geheel nieuwe versie ('Greece') is uit 2009 verkrijgbaar via o.a. Bol.com voor ongeveer 18,- euro of een versie uit 2012 voor 20,- dollar bij Amazon.

In pdf-formaat is op onderstaande link het boek uit 1909 te lezen:

https://ia600501.us.archive.org/5/items/greecehandbookfo00karl/greecehandbookfo00karl.pdf

 

En uit deze gids is de kaart van Nauplion (hieronder)

Copyright © All Rights Reserved