Nea Kios, Mili, Kefalari & Elliniko

Nea Kios 37°35'02.5"N 22°44'41.4"E (parkeerplaats bij vismarkt)

Mili 37°33'03.1"N 22°43'00.9"E (ingang opgraving van Lerna)

Kefalari 37°35'45.1"N 22°41'18.3"E (parkeerplaats bij kerk)

Elliniko 37°35'15.5"N 22°40'15.4"E (parkeerplaats bij piramide)

Nea Kios

Nea Kios was voorheen een zelfstandige gemeente in de provincie Argolida, maar in 2011 heeft de overheid besloten vele kleine gemeenten samen te voegen, zodat Nea Kios, Myloi, Kefalari en Elliniko (met nog vele andere dorpen in de regio) tot de gemeente Argos-Mykines behoren. Nea Kios ligt aan de kust van de Golf van Argolida tussen de mondingen van twee rivieren: de Erasinos en de Inachos, op ongeveer 6 km van Nafplion. Nea Kios is in 1926 gesticht door vluchtelingen uit Cius (nu Gemlik) in Bythynia aan de Zee van Marmara (noordwest Turkije), nadat de Grieken Klein-Azië moesten verlaten. De vestiging van de vluchtelingen verliep moeilijk en traag, omdat het dorp gebouwd werd in de moerassen van het nabijgelegen antieke Timenio.

In 2011 had Nea Kios 2778 inwoners. Het is een dorp met brede rechte straten, een groot en verder ongezellig plein en een pittoreske vissershaven.

In 2000 haalde Nea Kios de voorpagina's van de landelijke dagbladen vanwege razzia-achtige rellen tegen de Roma die er in de buurt leefden. Roma leiden een trekkend bestaan en blijven niet langer dan hooguit een jaar op één plek. De mannen verdienen hun geld met ambulante handel, de vrouwen en kinderen bedelen bij kerken en supermarkten. Ze krijgen de schuld van vele inbraken en worden beschuldigd van handel in verdovende middelen. Toen de Roma neerstreken tussen Nea Kios en Nafplion tapten zij illegaal elektriciteit van de lantaarnpalen. De gemeente heeft toen besloten om de lantaarns 's avonds en 's nachts uit te laten in de verwachting dat de Roma zouden vertrekken. Dat gebeurde niet; ze leven momenteel zonder elektriciteit, in grote tenten geconcentreerd aan de binnendoorweg van de kustweg naar Dalamanara en Tiryns.

Stephanos Psimenos, schrijver van 'Peloponnesos' uitgegeven bij Road editions meldt dat de enige reden om Nea Kios te bezoeken, de mezedopoleio (‘daar waar men mezedesi verkoopt') van Sabbas aan het strand is. Helaas heeft de economische crisis na het verschijnen van het boek hard toegeslagen en bestaat de mezedopoleio niet meer. Gelukkig is het visrestaurant (ook aan het strand) van de familie Tsakiris er nog wel; hier kun je heerlijke ochtopodi (octopus met olie en citroen of van de grill), garides saganaki (garnalen in tomaten-kaassaus) en kalamarakia (inktvisringen) eten en kiezen uit verschillende soorten ouzo en tsipouro. Natuurlijk kun je in de keuken ook je eigen verse vis uitkiezen. In de zomer worden de tafeltjes op het strand gezet en eet je bij maanlicht onder begeleiding van het ruisen van de golven.

Het strand ten oosten van Nea Kios is geliefd bij mensen met pijnlijke gewrichten. De bodem van de ondiepe zee bestaat uit een soort zwarte zwavelachtige modder, waarmee je pijnlijke gewrichten insmeert; vervolgens laat je de modder hard worden in de zon. Op warme zomerdagen kun je badgasten in het ondiepe water zien staan, soms met het hele lichaam ingepakt in een dikke laag zwarte modder. Deze therapie is vergelijkbaar met de bekende thalasso-therapie. Officieel mag het hier geen thalasso-therapie heten omdat men in dat geval gebonden is aan allerlei Europese regels en richtlijnen. De Grieken hebben het niet zo op die regels en laten het voor wat het is, als de modder maar zijn uitwerking heeft. Het woord thalasso is overigens afgeleid van het Griekse woord 'Θάλασσα' dat 'zee' betekent.

De andere gasten van het strand verderop in de richting van Nafplion zijn de vele vogels. Het gebied tegenover de fabrieken waar men olijvenpitten verwerkt tot zeep en shampoo is grotendeels een beschermd natuurgebied, waar menig vogelaar blij van wordt. Het is beschermd in de zin dat er niet gejaagd mag worden. Strandlopers, aalscholvers, steltkluten en zelfs pelikanen en flamingo's heb ik hier gezien. Wil je graag bijzondere vogels spotten, dan is het gebied tussen Nea Kios en Nafplion daar uitstekend geschikt voor. (Zie voor vogelspotten ook de hoofdstukken 'Stymfalia, Feneos, Styx' en 'Astros'.)

 

Timenio

Ga ja van Nea Kios verder naar het westen dan kom je voorbij het buurtschap dat nu Timenio heet. In de Oudheid werd het buurtschap Temenion genoemd en viel het onder het bestuur van Argos. Het was volgens Pausanias vernoemd naar de eerste bewoner Temenos. Er viel voor Pausanias in Temenion niets belangrijks te zien en hij meldde alleen dat hij er geweest was.

Temenos is in de Griekse Oudheid ook de naam voor een omheind heiligdom. De omheining kan bestaan uit grenspalen op de hoeken, of een aarden of stenen wal. Vaak was er in de temenos een altaar of een ruimte waar een cultusbeeld stond. De toegangspoort of entree noemen we een propylon, net als bij een tempelcomplex.

Ook de Romeinse geograaf, historicus en filosoof Strabo (63 vC-24 AD) was in Timenio en vermeldde in zijn boek 'Geographika' dat het aan de kust lag, 26 stadiën van Argos vandaan en dat het drie heiligdommen bezat: één voor Poseidon, één voor Aphrodite en het graf van Temenos.

Een stade is een Griekse (en Romeinse) lengtemaat om de afstand tijdens een reis aan te geven, overeenkomend met 600 voet volgens Herodotus (ongeveer 157 m).

 

Mili

En voorbij Timenio leidt de weg naar Mili, het dorpje dat vernoemd is naar de watermolens die hier vroeger hebben gestaan. Mili is vandaag vooral beroemd vanwege de vele souvlakirestaurants. Vanuit de wijde omtrek komt men hier naartoe om souvlaki te eten; er zijn echter ook goede visrestaurants. Een heel andere aanleiding om naar Mili te gaan is het feit dat het mythische Lerna hier geweest is.

 

Lerna en Pausanias

Lerna zelf was in de tijd van Pausanias een moerasachtig gebied met bronnen waar Demeter werd vereerd. Op de berg Pontinos was een heilig bos. Bovenop die berg was een heiligdom van Athene, maar toen Pausanias er een kijkje nam, was er al weinig meer van over. De Pontinos is de kalkstenen berg boven het dorp Mili. Het is een uitloper van het Kteniasgebergte. Op de top vind je nu de resten van een Frankische burcht. Tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog (1825) werd de burcht zo fel verdedigd dat de Ottomanen zich moesten terugtrekken. Het kapelletje is gewijd aan Profitis Ilias (de profeet Elia). De toren iets meer naar het zuiden stamt uit de Ottomaanse periode. Ga je naar boven, let dan op de cisternen binnen de muren van de burcht. In de Oudheid bevond zich hier een heiligdom voor een bepaalde Athene, die of dat??? zou verwijzen naar contacten met Egypte.

Ook zou het huis van Hipopomedon, een van de Zeven tegen Thebe (zie Sikyon), hier hebben gestaan.

Het bos, met hoofdzakelijk loofbomen, kwam in de Oudheid tot aan de zee. Hier lieten de dochters van Danaos (zie Argos) enkele heiligdommen bouwen. Dit was namelijk de plek waar ze ooit aan land waren gekomen, nadat ze met hun vader gevlucht waren uit Egypte, maar het was ook de plek waar ze hun echtgenoten in de eerste huwelijksnacht vermoordden.

Sommigen zeggen echter dat de familie vanuit Egypte meer naar het zuiden aan land kwam, ter hoogte van het huidige Xiropigado.

Nea Kios 2010

foto © willem van leeuwen

op de vismarkt van Nea Kios 2010

foto © willem van leeuwen

terras van visrestaurant in Mili, 2010

foto © willem van leeuwen

ouzo on the rocks

apartment, excursions and art historical guide

Peloponnese, Greece

Het water uit de bronnen in Lerna werd gebruikt voor de aandrijving van molens. Het Griekse woord voor molens is 'Μύλοι'. We vinden het terug in de naam van het hedendaagse dorpje net ten noorden van Lerna.

 

De hydra en Heracles

In het hoofdstuk over Lerna beschreef Pausanias het verhaal van de hydra. Hij vertelde dat het monster volgens de traditie was geboren onder de loofbomen van Lerna, op de oevers van de rivier de Amymone. Amymone of Amymome is vermoedelijk dezelfde persoon als Hypermnestra, de Danaïde die haar echtgenoot niet vermoordde in de eerste huwelijksnacht en daardoor haar vader Danaos verraadde. Zie verder het hoofdstuk 'Argos'. De rivier is dus naar deze Danaïde vernoemd.

Pausanias dacht wel dat de hydra een verschrikkelijk monster moest zijn geweest, anders zou Heracles nooit de punten van zijn pijlen in het bloed ervan hebben gedoopt nadat hij het gedood had. Maar hij betwijfelde of het monster meer dan één kop had. Het element van de meerdere koppen zou later aan het verhaal toegevoegd kunnen zijn om het indrukwekkender en overtuigender te maken; alles ter meerdere eer en glorie van Heracles. Sommigen hebben het over negen koppen, anderen over twaalf en in de middeleeuwen sprak men zelfs over een monster met honderd koppen. In ieder geval wist Heracles met hulp van zijn neef Iolaus het monster uit te schakelen. Zie verder voor Heracles het hoofdstuk 'Tiryns'.

 

 

Overige geschiedenis en archeologische vindplaats van Lerna

Lerna zelf was al bewoond vanaf het vroeg-neolithicum. Technische en sociale veranderingen kenmerken deze periode. Men gaat over van jagen en verzamelen naar landbouw en veeteelt. In plaats van rondtrekken worden er nederzettingen gebouwd. Men legt voorraden aan voor slechte tijden. De voornaamste vernieuwingen zijn daarbij: werktuigen van gepolijste steen, potten bakken, bewerking van koper en de uitvinding van het wiel (6000-3200 v.Chr)..

Bij de opgravingen in Lerna zijn zeven verschillende perioden tussen het 6e en 1e millennium v.Chr. benoemd waarin bewoning plaatsvond. Ik zal hieronder eerst in het kort iets over deze kleine, maar interessante archeologische vindplaats vermelden. Voor de geïnteresseerden volgt daaronder een uitvoeriger beschrijving per periode.

Een groot rechthoekig gebouw uit het 5e of 4e millennium werd afgebroken om nieuwe versterkingen te bouwen in het 3e millennium v.Chr. Er zijn ook resten gevonden van twee huizen en muren. Op de restanten van deze huizen en op iets wat de fundering van een paleis kan zijn geweest, is het zogenaamde 'huis met de dakpannen' gebouwd. Voordat het huis klaar was, brandde het echter al af. We weten inmiddels dat het vermoedelijk twee verdiepingen heeft gehad, omdat er trapportalen zijn gevonden. Het betreft hier het oudste huis met twee verdiepingen in de geschiedenis.

Op de overblijfselen van dit huis bracht men een aarden wal aan met een ring van stenen. Er zijnt hier ook schachtgraven gevonden en huizen met een half cirkelvormige achterkant (uit de Myceense periode, tussen 2000 en 1200 v.Chr.). In het museum van Argos kun je de haard of vuurplaats zien die hier gevonden is en de opmerkelijke sauskom uit de derde Lerna-periode. Als je het museum van Argos bezoekt, vergeet dan de kelder van het museum niet.

Hieronder volgt een toelichting op de verschillende perioden van bewoning in Lerna.

 

Lerna I = vroeg-neolithisch, van 6e tot 5e millennium v.Chr.

Dit is de vroegste periode dat mensen zich hier vestigden. De vondsten uit deze vroege steentijd liggen voor het merendeel verstopt onder de opgraving van latere perioden en onder de boomgaarden naast de opgraving. We weten dat deze plek in de vroege steentijd al bewoond was doordat er putten en greppels gegraven zijn, zowel bij de opgraving als in de directe omgeving, maar die vervolgens weer dichtgegooid zijn. Vermoedelijk is ongeveer 14% van de oorspronkelijke nederzetting onderzocht.

De resten van de muren uit deze periode die je nog wel kunt zien (direct bij de ingang), zijn geen resten van een huis; wat het wel is geweest is niet bekend.

Gereedschappen waren van steen en bot. Terracotta potten werden met de hand gemaakt en gebakken in een open vuur. Men verbouwde graan, hield schapen, geiten, varkens en koeien, ging op jacht en verzamelde schelpdieren. Vermoedelijk woonde men in tenten, althans niet in huizen van klei, leem en stenen.

 

Lerna II = midden-neolithisch, begin van het 5e millennium tot het 3e millennium v.Chr.

De grote kamer, vermoedelijk van een huis van klei, leem en stenen (ook dicht bij de ingang van de opgraving, om de neolithische resten van muren heen) is uit deze periode. De economie was toen gebaseerd op dezelfde producten als voordien, maar er woonden meer mensen en de nederzetting kreeg een permanent karakter. Dit blijkt uit de bouw van huizen. Potten werden nog steeds met de hand gemaakt, maar waren in technisch opzicht beter en vertoonden meer variatie. Het bijna perfecte terracotta beeldje van een vrouwenfiguur is uit deze periode (museum van Argos). De doden werden begraven binnen de muren, tussen de huizen van de levenden in.

 

Lerna III = vroeg-helladisch I en II (2750 - 2200 v.Chr.)

De bronstijd in Griekenland liep van ongeveer 3.000 tot 1.100 v.Chr. Deze tijd noemen we ook wel de helladische periode en wordt verdeeld in drie subperioden, vroeg-, midden- en laat-helladisch. Om het nog wat ingewikkelder te maken, wordt de vroeg-helladische subperiode nog weer onderverdeeld in I, II en III. We zagen deze indeling eerder in de introductie bij het onderdeel 'Chronologie'.

Men heeft in Lerna uit de vroeg-helladisch I periode potscherven gevonden, dus we nemen aan dat de nederzetting tijdens deze periode bewoond moet zijn geweest, maar verder is er niet zoveel gevonden uit deze tijd.

Tijdens de vroeg-helladisch II periode zijn versterkingen aangebracht en is men begonnen met het bouwen van muren om de nederzetting heen. Dit was om zich te kunnen verdedigen tegen aanvallen van buitenaf. Het merendeel van wat we bij de opgraving kunnen zien stamt uit deze tijd. Het belangrijkste uit deze tijd in natuurlijk het 'huis met de dakpannen'.

 

Dit gebouw is gedeeltelijk opgegraven in 1952. Drie jaar later is het geheel blootgelegd. Men vond rechthoekige, gelijke dakpannen, gemaakt van klei. Veel dakpannen waren gebroken; deze worden nu gebruikt om de gaten in de muren op te vullen.

Het huis is gebouwd aan het einde van Lerna III periode, dus ergens tussen 2300 en 2200 v.Chr. Zoals gezegd, is het huis vóór de oplevering al verloren gegaan door brand. Het was ongeveer 25 meter lang en 12 meter breed. De muren waren zo’n 90 centimeter dik en de fundering was van steen en sterk genoeg om de muren van stenen van klei te kunnen dragen. Het gebouw had vermoedelijk twee verdiepingen, omdat aan de noordkant en aan de zuidkant een trapportaal is gevonden. De dakpannen waren plat en rechthoekig en werden over elkaar heen gelegd zoals bij shingles, maar dan op een ondergrond van klei op een houten constructie.

We weten nu dat het huis al voor de oplevering afbrandde, omdat de muren van enkele kamers wel voorzien waren van een stuclaag en ander kamers niet. Het was dus nog niet af. Het is overigens wel opvallend dat – hoewel het huis nog niet afgebouwd was – er wel waardevolle spullen in waren opgeslagen. In deze periode werden ook wel potten en vazen gemaakt, maar er zijn er niet zoveel gevonden. Uit dezelfde tijd komen de prachtig gedecoreerde terracotta zegels, die werden gebruikt om een afdruk te maken in de bodem van de pot of vaas.

We weten niet hoe de brand is ontstaan die het huis in de as legde. Het kan veroorzaakt zijn door binnentrekkende stammen uit Klein-Azië. Het markeerde evenwel het einde van een periode.

 

Lerna IV = vroeg-helladisch III (2300 - 2000 v.Chr.)

Bovenop de restanten van het 'huis met de dakpannen' is een aarden wal gebouwd met een ring van stenen. De ring had een diameter van 19 meter. In de cirkel moeten ook stenen en kiezels hebben gelegen. Wat de functie van de cirkel was, is niet duidelijk. Het zou kunnen refereren aan een graf maar geen andere vondsten bevestigen dat. Het had in ieder geval wel een bijzondere functie omdat andere huizen eromheen werden gebouwd. Na verloop van tijd verloor het echter zijn functie en werden er andere gebouwen overheen gebouwd. De huizen uit deze periode waren ruim en aan één kant afgesloten met een halfronde constructie, die gebruikt werd om er het altaar te plaatsen. Deze halfronde nis was nieuw voor Lerna, maar kwam elders in Griekenland al eerder voor. Er was een haard of vuurplaats in een aparte kamer. De potten en andere gebruiksvoorwerpen laten nieuwe vormen en technieken zien. De potten en vazen werden gemaakt op een pottenbakkerswiel of draaischijf, symmetrie werd steeds populairder en men begon de potten en vazen te decoreren.

De overgang naar de vijfde periode van Lerna luidt het begin van de midden-helladische periode in. Aan de gemaakte gebruiksvoorwerpen is dat moeilijk te zien, omdat de oude tradities werden gevolgd, maar met gebruik van nieuwe technieken.

 

Lerna V = midden-helladisch, (2000 - 1675 v.Chr.)

Het ging in economisch opzicht steeds beter met de bewoners van Lerna. Vermoedelijk werd de voorspoed veroorzaakt door de vruchtbare grond en de locatie vlak bij de zee. Hierdoor werd het voor de bewoners mogelijk om handel te drijven met bewoners van de Cycladen, van Kreta en van Kithira. Er is veel aardewerk gevonden in Lerna, dat afkomstig was van het eiland Aegina. Dit moet de plaats zijn geweest waar men goed kon pottenbakken, want over de hele Peloponnesos komt men aardewerk tegen afkomstig van dit eiland recht tegenover het oude Epidaurus.

In deze periode werden de doden ook binnen de muren van de nederzetting begraven. En vanaf ongeveer 1850 v.Chr. ging men ook stenen graven maken voor de overledenen. Doordat men meerdere graven bij elkaar plaatste ontstond een begraafplaats.

 

Lerna VI = einde van midden-helladisch begin van laat-helladisch (1675 – 1575 v.Chr.)

De huizen werden gebouwd met meer dan één kamer. Men heeft tenminste één afvoer of riolering gevonden uit deze periode. De omstandigheden werden opnieuw steeds beter. Dat is ook te zien aan de voorwerpen die werden meegegeven in de graven. Maar omdat veel funderingen en muren later dwars door de graven heen werden gebouwd, is er weinig van overgebleven. De bodem van de nieuwe graven was van kiezelsteen. Het is opmerkelijk dat in geen enkel graf de resten van mensen zijn gevonden. Dit kan betekenen dat de graven leeggeroofd zijn, maar het kan ook dat men de botten van de overledenen meenam toen men besloot naar elders te vertrekken.

 

Lerna VII = laat-helladisch of laat-Myceens (1500 – 1200 v.Chr.)

In deze tijd was Lerna een florerende satelliet van Mycene. Opgravingen aan de oostkant (dus dicht bij de spoorrails) legden de resten van muren van huizen en andere gebouwen uit de 14e en 13e eeuw v.Chr. bloot. Het merendeel is echter door erosie verloren gegaan.

Na de Myceense periode is Lerna wel bewoond gebleven. Zo heeft men in de omgeving resten gevonden uit de geometrische, de hellenistische en de Romeinse periode.

NB. Daar waar je bij de opgraving voor ons herkenbare dakpannen ziet, betreft het niet ‘het huis met de dakpannen’, maar met de funderingen van een versterking uit een latere periode waarop moderne dakpannen zijn gelegd om erosie van de funderingen tegen te gaan. Het ‘huis met de dakpannen’ zelf ligt verscholen (maar is wel te zien) onder een grote overkapping.

 

Kefalari

Wanneer je vanuit Mili naar het noorden (Argos) rijdt, kom je na enkele kilometers bij een afslag (links) naar het dorpje Kefalari. Die naam verwijst naar het Griekse woord voor oorsprong of begin. Κεφαλάρι betekent namelijk hoofdeinde. Onder de kerk ontstaat de Erasinos rivier, die bij Nea Kios in de zee uitmondt. In de Oudheid dacht men dat de rivier oorspronkelijk uit het Stymfalische Meer ontstaan was en onder de bergen door hier naartoe stroomde.

Veel water wordt, voordat het kan uitmonden in de zee, weggepompt door de boeren voor irrigatie van het land.

Het dorp is alleen een bezoek waard vanwege de bijzondere kerk die half in de rotsen is uitgehouwen. Voor de kerk is een ruime parkeergelegenheid en er zijn een aantal gigantisch grote eetgelegenheden. Dit wijst op de bijzondere functie van de kerk. Hier wordt getrouwd (vooral op zaterdagen) en gedoopt (vooral op zondagen). De kerktoren en de ingang van de kerk worden omgeven door bougainvillea’s en blauweregens van enkele tientallen meters hoog.

De kerk is gewijd aan de 'leven gevende bron' (ζωοδόχος πηγή) en is verder historisch niet interessant, omdat hij in de jaren '90 enorm gemoderniseerd is met giften van Amerikaanse Grieken uit de regio. Achter de kerk zijn twee grotten toegankelijk, die in de Oudheid gewijd waren aan Pan en Dionysus. Achter in de grotten zijn paleolithische en neolithische vondsten gedaan, die je in het museum van Nafplion kunt bekijken.

De leven gevende bron kun je zelf ook in de grot bekijken bij het Maria-altaar. Kijk voor je hier weggaat nog even naar de zilveren votiefplaatjes die in de kerk hangen. Aan de afbeelding op het plaatje kun je zien waarvoor hulp gevraagd wordt: een knie, een borst, een voet, een baby.

 

Elliniko

Vervolg - na het bezoek aan de kerk van Kefalari - de weg vóór de kerk naar links; na een paar kilometer kom je bij het dorpje Elliniko, dat alleen bezocht wordt door toeristen die op zoek zijn naar een Griekse piramide. De meningen zijn verdeeld over de herkomst van deze gestapelde stenen.

De meest voor de hand liggende verklaring is dat het de fundering of onderbouw is geweest van een houten wachttoren. Binnen in de piramide zijn resten van een riolering gevonden. Dit maakt het aannemelijk dat het niet om een grafmonument gaat, zoals sommigen beweren.

Pausanias dacht dat het een grafmonument was voor de strijders uit Argos die gevallen waren in de Slag bij Hysiai, maar archeologisch onderzoek heeft geen grafvondsten opgeleverd.

De stenen liggen polygonaal en pseudo-isodomisch opgestapeld. Oorspronkelijk moeten het acht of negen lagen zijn geweest. Je ziet er nu nog hooguit zeven.

Polygonaal wil zeggen veelhoekig; de stenen worden passend gebeiteld en los opgestapeld. Isodomisch betekent vierkant gehouwen en van (ongeveer) gelijke grootte. Pseudo-isodomisch wil zeggen vierhoekig, maar van verschillende grootte en niet per se vierkant.

 

Nea Kios (vismarkt, visrestaurant of strandbezoek) kun je prima combineren met een bezoek aan Mili (opgraving van Lerna of wandeling naar de burcht boven Mili) en vervolgens een kort bezoek aan de kerk van Kefalari en de piramide van Elliniko.

 

 

plattegrond opgraving Lerna

uit: Lerna in the Argolid

American School of Classical Studies at Athens'

Terracotta vrouwenbeeldje uit Lerna

neolithicum, Archeologisch museum Argos

foto van informatiefolder van de opgraving

Schets van 'het huis met de dakpannen' in Lerna

uit: Lerna in the Argolid, 1997

American School of Classical Studies at Athens

Terracotta zegels uit Lerna, 2300-220 v.Chr.

uit: Lerna in the Argolid, 1997

American School of Classical Studies at Athens

Het huis met de dakpannen en (links boven) Myceens graf

resp. vroeg-helladisch II en laat helladisch

foto © willem van leeuwen

forticicatiemuur met compartimenten Lerna

vroeg en midden helladisch

foto © willem van leeuwen

kerk (van de levengevende bron) en waterpartij van Kefalari

foto © willem van leeuwen

'piramide'van Elliniko

foto © willem van leeuwen

Copyright © All Rights Reserved